‘Ik stap op de fiets en zoek mijn klanten op’

Wie: Doeby Usmany (29)

Werk: bemoeizorg

Uren: 36; een maal per drie weken één week school

Waar: JellinekMentrum, Amsterdam

Sinds: september 2009

Opleiding: MBO-v, momenteel laatste jaar HBO-v

‘Op de MBO-v stelde ik de psychiatriestage uit tot het laatst. Moeilijk werk, dacht ik, met enge mensen. Ze bleken juist boeiend. Gewone mensen met ongrijpbare kanten; de maatschappelijke vooroordelen sloegen nergens op. Het werk lag me, ik ben relaxed en straal kennelijk rust uit. Voor mezelf is het uitdagend iemand in een diepe put toch hoop te kunnen bieden.

Menselijkheid is de sleutel

Na zes jaar met plezier in een kliniek gewerkt te hebben, liep ik vast in routines en regels. Bij binnenkomst kreeg iemand eerder afdelingsregels onder zijn neus dan een kopje koffie; zoiets leidt tot onnodige conflicten. De nadruk op medicijnen benauwde me. Natuurlijk moet je ziekte niet ontkennen, maar ik denk dat menselijkheid een sleutel is van dit vak. Je wilt gewoon mensen een beetje gelukkiger maken. Omdat er weinig ruimte was voor vernieuwing ben ik op zoek gegaan, en ik vond de Verslaving- en Psychosekliniek van JellinekMentrum. Een pilot project, prikkelend, en ik wist niets van verslaving. Hier ben ik opnieuw gaan studeren, en heb ik het ambulante werk leren kennen.

Verleiden tot hulp

Sinds kort zit ik in het bemoeizorgteam. Mijn klanten zijn vaak zorgmijders, tijdelijk of helemaal dakloos. Ik stap op de fiets en zoek hen op. Ik tast af of ze hulp nodig hebben en probeer hen te verleiden die te accepteren. Soms gaat het om maatschappelijke problemen, soms om psychisch leed. Ik wil nog veel leren, al is school in combinatie met een eigen groep klanten lastig: ik ben voor hen niet altijd bereikbaar. Maar het meest frustrerend is de organisatorische bureaucratie. Dagelijks ben ik anderhalf uur kwijt aan registreren en verantwoorden.

Nabijheid is interessanter

Mensen helpen in hun eigen leefomgeving geeft meer voldoening dan in de kliniek. Je gunt hen een plaats in de maatschappij, een essentieel deel van de hulpverlening vindt daarom buiten plaats. Ik heb ook minder strijd met klanten dan vroeger. Hun wensen zijn het uitgangspunt, mijn eigen twijfels daarover schakel ik uit, al probeer ik hen voor uitglijden te behoeden. Alleen als er gevaar of schade dreigt ga je meer sturen. Normale menselijke omgang, eigenlijk. Het vak is voor mij een manier van contact maken. Tijdens de opleiding leer je letterlijk en figuurlijk afstand bewaren, maar nabijheid is interessanter dan afstand. Ik ben professioneel hulpverlener, maar daarom kan ik me nog wel om mensen bekommeren.’ (© Liesbeth Sluiter)